Shake that ass

Eerder had ik al eens verteld over mijn fietscamera-experiment. Meer uitleg volgt nog steeds later, maar ik wou al eens laten zien hoezeer mijn sjokkedeizen geteisterd worden op weg naar het werk. En dit is mijn eerste eigen clipje dat ik ergens moet uploaden en posten, dus gelijk een test hoe de stomp hier omgaat met Viddler. In alle eerlijkheid: dit is slechts een goeie 150m slecht fietspad, de rest van de paden die mijn ros trotseert zijn van prima kwaliteit. Wie snel zeeziek wordt: niet op Play klikken… 😉

Edit: in de hoop Coltrui er van te overtuigen dat 10 kilometertjes écht wel te overbruggen zijn per fiets in een half uurke, heb ik het slecht stuk fietspad opnieuw gemeten 😀 Het gemiddelde van 3 metingen bedraagt 220m. Ter mijner verdediging moet ik toevoegen dat ik toen ik het filmpje maakte niet op topsnelheid reed, omdat ik tegelijk m’n fietscamera én de putten in de gaten probeerde te houden. Omgerekend fietste ik dan aan iets meer dan 13km/u, al ligt m’n optimale snelheid meestal iets over de 20km/u. Waarvan binnenkort bewijzen *engelenblik*

Ontwaaaaakt, verworpenen der Aaaarde

Een fiets is een ge-ni-a-le uitvinding: hij brengt je vrij goedkoop van daar naar hier, hem berijden kan tegelijk inspannend en ontspannend zijn, en je kan er heerlijke gesprekken op voeren. Vanavond heb ik die 3 eigenschappen nog eens gecombineerd. ‘k Ga ze missen trouwens, Chief, onze lachbuien, onze scheldpartijen naar blinde automibilisten, onze gore klap, en onze meningsverschillen.

Mijn fietspartner werkt voor de stad (Antwerpen-Gent-Brussel-Leuven-Hasselt, schrappen wat u niet aanstaat), is volop een huisje aan het bouwen en is rabiaat tegenstander van alles wat naar vakbond riekt. Ik neem hem dat niet kwalijk, omdat hij zoon is van noest werkende zelfstandigen, en omdat ik hem nu eenmaal weinig kwalijk kan nemen tout court. Ikzelf heb nooit een baas of zelfstandige in de familie gehad, en zal dat zelf ook nooit zijn waarschijnlijk. En ik stam uit een actief vakbondsgeslacht. Dat schetst de nodige achtergrond.

Komende maandag laten de vakbonden hun tandjes nog eens zien: her en der worden acties gepland en wordt het nodige plat gelegd. In het kader van de ‘dalende koopkracht’ als ik me niet vergis. Zo ook bij de stad. Nu wil het toeval dat de vriendin van mijn fietspartner maandag een vrije dag heeft, en ze hadden samen gepland om dan hard verder te werken in hun huisje-in-aanbouw. Mijn fietsmaatje vraagt dus een dagje congé payé aan, en krijgt te horen dat er een wet of reglement is die bepaald dat alle aanvragen tot verlof door ambtenaren geweigerd worden voor dagen waar een stakingsaanzegging voor is aangevraagd. Zwaar klote, dat spreekt. Ik reageer nog laconiek met ‘Als je nu zelf lid was, kon je wél thuisblijven, én er nog voor betaald worden’. Slechtste beslissing van mijn dag tot dan toe merkte ik al gauw 😀

We waren er ons allebei van bewust dat we geen van beiden voldoende kennis in huis hebben over economie, begroting en de juiste cijfers, dus we kwamen er niet uit of de maatregelen die de bonden eisen al dan niet verstandig zijn op dit moment. 1 ding stond wel vast: hij vindt dat de bonden hun muil moeten houden, ik vind dat de vakbonden de enige wachter zijn tussen onze huidige situatie en de Totale Uitbuiting van den werkmensch. Ongeveer hé.

Over de rol die de vakbond nog kan of moet spelen, ben ik het soms wél oneens met mezelf. We hebben de syndicaten niet meer nodig om ons via coöperatieven te voorzien van betaalbare melk en brood, of om sterk gekleurde kranten te stencillen of scholen uit de grond te stampen. Maar ik kan zo direct geen betere organisatievorm bedenken die als gesprekspartner bij overheden en in bedrijven het opnemen voor werkende luitjes. Die de massa een stem geven. Ik besef ook wel dat het vloeken moet zijn voor een hardwerkende ondernemer om steeds af te moeten rekenen met die bemoeials met hun domme opmerkingen. Maar te weinig patroons (jawel, ben op dreef) beseffen dat hun belangen, en die van de mensen die ze tewerk stellen, nu eenmaal tegenstrijdig zijn of lijken. Terwijl er volgens mij veel meer uit te halen valt als die partner beschouwd wordt als een opportuniteit om de ganse onderneming naar een hoger niveau te tillen.

Op de vraag of staken vandaag de dag nog een verstandig drukkingsmiddel is, kan ik alleen antwoorden: allicht niet, maar er is geen alternatief. Als een hond op wandel is met z’n baasje, en hij wilt niet verder, kan hij of blijven staan, of bijten. En we hebben al lang geleden afgesproken dat we elkaar niet zomaar bijten, dus is blijven staan, of flink aan de leiband trekken het enige alternatief. (Moet ik onthouden voor als we nog eens naar huis fietsen.)

Ik ben al lid van een vakbond sinds mijn 16 jaar, en hoop nooit beroep te moeten doen op hun diensten. Maandag staak ik trouwens niet mee, voorlopig mag ik niet klagen, dus doe ik dat ook niet.

Wind in de kop

Dames en heren, volgende Dingen wil ik graag nomineren voor een naamsverandering. Waarom? Omdat de vlag de lading niet dekt, omdat de fictie de werkelijkheid heeft ingehaald of omdat ik dat wil. Bon?

  1. wekker. Dit ding doet nooit wat het belooft te doen, of tenminste niet meteen. Zouden we het niet beter een kwader noemen? ’s Ochtends word ik er kwaad van omdat ie z’n werk doet, ’s avonds word ik er kwaad van omdat ie z’n werk _niet_ doet. Wie heeft er godverdomme ooit het ontwerp goedgekeurd van een wekker waarvan je de alarmtijd enkel voorwaarts kan instellen?? Als ik morgen tien minuten vroeger wil opstaan, moet ik vanavond 73 keer op een knop drukken?!
  2. fietspad. Los van het feit dat ik nooit (bewust) over een amfibie zou fietsen, klopt dit ook langs geen kanten meer. Als een fietspad gelijk ligt met de rijbaan, is het eigenlijk een parkeerstrook. En als het gelijk ligt met het voetpad, wordt het gewoon gebruikt als voetpad voor dommekloten. Of ben ik de enige die regelmatig op de fiets wordt geconfronteerd met neanderthalers die in de verkeerde richting lopen terwijl ze hun krant lezen, of hippe namaak-yuppen die een talent blijken te hebben om dingen anders te gebruiken? Ze zetten een pet bijvoorbeeld boven in plaats van op hun hoofd, en gebruiken hun mobiel of mp3 als boombox.
  3. regenjas. Ten eerste omdat de rits van mijn (overigens nagelnieuwe) regenjas ineens besliste om aan de onderkant te beginnen staken, dus van een jas is geen sprake meer. Het is nu een soort poncho, een golfke, een omgekeerde voorschoot (memo aan zelf: mooi nederlands voor voorschoot eens opzoeken). En ten tweede omdat het eerste deel doet vermoeden dat het onding de drager beschermt tegen regen, toch? Ik had onderweg mijn regenjas aan, en mijn jeansbroek was bij aankomst droger dan het T-shirt onder mijn jas!! Dat hadden we zo niet afgesproken hé rakkers?

Dit alles borrelde in mijn brein terwijl ik als een gek tegen de wind in aan het trappen was. 1 oktober, en de najaarswinden zijn er, mooi op schema. Qua snelheid fietste ik een derde tot soms de helft trager dan gisteren, als ik iets zei hoorde ik het zelf niet (godzijdank), en toen ik opzij keek naar een toeterende auto, voelde ik menig snotdruppel uit mijn gaffel gezogen worden en richting fietser achter mij gekatapulteerd worden. Fietser: mijn excuses bij deze. Het voordeel is vooral: als de wind zo blijft, ben ik straks eerder thuis dan mijn snot 😀