Kurzus

Ik ben vergeten wat ik leerde

op die sluipschuttercursus waar ik ooit eens opdook.

Ik mik nog altijd op de verkeerde

en dan mis ik ze nog ook.

Hello Printer

De vooruitgang is niet tegen te houden. Dus in plaats van op het blaadje kalkeerpapier over mijn scherm te zitten krassen, gebruik ik sinds enige tijd een printer om digitale teksten of prentjes op papier te krijgen wanneer nodig. Een gemak in huis, dat hoeft geen betoog.

Mijn exemplaar werkt naar behoren en verwachting, maar er is één luttel aspectje dat me stoort. Nou, storen is misschien een groot woord hier. Niet zoals een fikse doorn in de hiel dat kan, maar toch. Minstens éénmaal daags begint hij namelijk te communiceren met zijn fabrikant. En dat duurt! Wat heeft zo’n printer allemaal te vragen aan zijn fabrikant??

  • Hallo, hier ben ik weer.
  • Yup.
  • Zijn er soms nieuwe letters toegevoegd aan het alfabet?
  • Nope.
  • Nieuwe leestekens misschien?
  • Nope.
  • Ah want ik had gelezen op Twitter dat er sprake was van een…
  • (onderbreekt) Nope.
  • Ok. (zucht) Nog nieuwe drivers die ik nodig heb?
  • Nope. Werken de huidige misschien niet naar behoren?
  • Jawel, jawel, ik dacht gewoon…
  • Nog iets?
  • Nieuwe papierafmetingen dan?
  • Nope.
  • Seg, weet ge wat hij gisteren weer heeft afgedrukt?
  • Tot morgen.
  • Eeuh… ja, tot morgen he. Oh nu ik aan je aan de lijn heb…
  • *klik*

En dat allemaal op mijn kosten!

Brief 3

Terwijl ik van m’n kopje koffiewater slurp, neem ik de planning voor vandaag door. De nieuwsberichten melden weer onlusten in de laagste dekken. Met een grimas slik ik de laatste slok van het fletse koffiewater door, en verslik me bijna als m’n iPlant in mijn binnenoor de belangrijkste afspraken opsomt. Na al die tijd ben ik nog steeds niet gewend aan dat computertje in mijn hoofd. Ik was bij de laatsten die het implantaat bleven weigeren, maar president Jobs was onverbiddelijk: iedereen werd bij wet verplicht om een iPlant te hebben.

Ik merk op dat het binnen 10 dagen alweer Nuldag is. Niet te geloven dat het alweer 16 jaar geleden is dat we de Aarde hebben moeten achterlaten… Ongewild moet ik voor de tigste keer grinniken. Wie had maar kunnen vermoeden dat er tijdens de regeringsonderhandelingen in 2010 zoveel ego’s in 1 ruimte zouden zitten, dat de kritieke massa van hun feitelijke onvermogen zou leiden tot het ontstaan van een nieuw soort 0!? Alle binaire systemen ter wereld sloegen op hol, en heel het noordelijk halfrond stond in geen tijd in lichterlaaie.

16 jaar al onderweg, en nog maar 2 beschavingen ontdekt die president Jobs geschikt achtte als nieuwe afzetmarkt. Maar er is beterschap in zicht, nu de nieuwe diplomate @FortuneAndFame eindelijk alle bevoegdheden heeft gekregen om op eigen houtje alle sterrenstelsels die op de scanners opduiken te bezoeken.

Het heeft heel wat voeten in de… euh… aarde gehad eer we iemand konden vinden die geschikt was voor deze cruciale functie. Maandenlange voorselecties, intense fysieke tests en ettelijke lange gespreksrondes waren nodig, maar ik heb er vertrouwen in. Vooral haar antwoord op de vraag ‘Welk zijn de vijf belangrijkste plaatsen in je leven en waarom?’ hebben de doorslag gegeven.

Wat waren die plaatsen ook alweer? Oh ja: een veldje aan een kerkje in Italië, Parijs bij valavond, een Gents restaurant, een pleintje in Roeselare en, deze deed het hem: elke plaats, op iedere dag. Het was snel duidelijk dat @FortuneAndFame een rasechte ontdekker is, een avonturier die niets liever wil dan op eigen benen staan, om zichzelf zo te overstijgen en mensen te ontmoeten. Ik moet lachen als ik er aan terugdenk hoe ze haar antwoord was begonnen: ze wist eigenlijk niet goed wat te antwoorden. Waarop ze zes kantjes volpende!

@FortuneAndFame is uit het juiste hout gesneden voor deze missie: het bleek immers dat zij van alle kandidaten wel nostalgisch kan zijn, maar tegelijk het minst in het verleden leeft. Het hier en nu, of beter: het overal en nu tellen voor haar. Ze richt zich op de toekomst, misschien voelt ze zich wat ongemakkelijk bij het verleden. Maar zelfs al is ze mogelijk een beetje op de vlucht, ze doet dat dan wel door het leven bij de horens te grijpen!

Meer dan aan plaatsen, heeft ze een band met personen. Ze heeft een oprechte interesse in, een nieuwsgierigheid naar mensen. Niet die van de antropoloog, eerder die van een leerkracht, of van een salesman. Ze wil mensen snel kunnen peilen om in te schatten wie ze voor zich heeft. En net dat wordt haar sterkste troef bij het bezoeken van nieuwe volkeren die we ontdekken.

Dat, en natuurlijk het feit dat ze niet veel nodig heeft. De sonde waar ze mee zal reizen bulkt nu eenmaal niet uit van franjes en frullen. Zolang ze de juiste dingen in haar buurt heeft en een beetje gezelligheid, kan ze er een tijdje tegen.

Ik ben benieuwd waar ze ons zal brengen, het worden boeiende tijden.

Brief 2

Post krijgen is al-tijd leuk. Minstens tot de envelop open gaat. Eén gulzige beweging, en met een droog krrssjt geeft een brief zijn geheim prijs. Alle enveloppen zouden wit mogen zijn van mij, nu kan ik soms al voorspellen dat ik weer een onverantwoord interessant aanbod krijg om een krant vol spelfouten te lezen, of dat een bank die alleen het beste met mij voorheeft, mij een hilarisch hoog bedrag wil lenen. Maar ik gooi ze nooit ongeopend weg. Een brief is als een klein cadeau, en een cadeau dat niet geopend wordt, is verloren moeite in het kwadraat.

Om maar te zeggen: vorige week kreeg ik de tweede leuke brief van @FortuneAndFame! Ik vind brieven met de hand schrijven super, alleen spijt het me soms dat ik het vertik om er een kopie van te nemen voor ik hem verstuur. Bijgevolg weet ik niet meer precies hoe ik m’n vraag voor @FortuneAndFame had geformuleerd. En weet ik ook niet meer exact wat ik had geschreven in mijn vorige brief, en kan ik haar reactie er op niet meer helemaal duiden. 😀 Soit! Volgens mij vroeg ik haar om haar ideale partner eens te beschrijven. Enerzijds omdat ik vind dat partnerkeuze en/of verwachtingen ten aanzien van een partner heel veel kunnen zeggen over iemand. Anderzijds om de Leuke Brieven hier wat up te spicen: onze lezers willen suspense, zo gaat dat nu eenmaal. En daar heb ik nu al spijt van, want @FortuneAndFame ging nog een stapje verder. Dat leest u binnenkort bij haar wel… 😉

@FortuneAndFame verduidelijkt eerst even dat ze niet in Dé Ideale Partner gelooft, en dat het ideaalbeeld dat ze gaat schetsen, een momentopname is. Mensen veranderen, en haar Ideale Partner evolueert dus. Lijkt me gezond, mensen groeien en veranderen, en hun wensen veranderen mee. @FortuneAndFame heeft de beide voeten op de grond, en ik denk dat ze niet erg in sprookjes gelooft.

Ze schrijft dat je op de weg des levens mensen tegenkomt, maar die ook weer verliest door keuzes en afslagen die jij (of anderen?) neemt op die snelweg. Mooi gezegd. Is dit een les die ze misschien al heel vroeg heeft moeten leren, door vriend(innet)jes die bijvoorbeeld verhuizen en die je dan nooit meer ziet plots? Zo’n houding kan een verweer zijn, die het verliezen van mensen waar je aan gehecht bent, wat draaglijker maakt. Of heeft @FortuneAndFame geen nood aan diepere of vaste banden met mensen? Hm nee, dat klopt niet denk ik.

Goed, hoe zou de Ideale Partner er dan uitzien als ze hem nu kon creëren? Hij zou blijkbaar ouder moeten zijn dan zij zelf. @FortuneAndFame vindt zichzelf mentaal tamelijk volgroeid. Lijkt me te kloppen, als ik haar schrijfsels correct lees. Hey, voor hetzelfde geld ben ik brieven aan het schrijven met een man van middelbare leeftijd, weet ik veel! 😀 Jongens stellen hun mentale volwassenheid door de band genomen graag wat uit, en ze lijkt geen te hebben om haar leven te delen met een puber. En geef haar eens ongelijk! Ik moet er niet aan denken… Of zoekt @FortuneAndFame een beetje een vaderfiguur in haar partner? Ze wil, op dit moment, liefst iemand die kan zeggen en bewijzen dat alles goed komt. Een streepje geborgenheid dus. Mogelijk ter compensatie van een falende of afwezige vaderfiguur vroeger?

Ze wil graag kunnen opkijken naar haar Vent: hij moet iets kunnen, of dingen verwezenlijkt hebben. @FortuneAndFame wil dus geïmponeerd worden. De man die zij aan haar zijde zal dulden, komt dus op een voetstukje terecht. Wat naar mijn bescheiden mening dan wel eens tot onluisterende momenten zou kunnen leiden: mensen op voetstukjes worden doorgaans bescheten door de duiven. 😉

Mannen die kinderen willen of hebben, of die een huwelijk ambiëren, hoeven geen moeite te doen: @FortuneAndFame is in geen van beiden geïnteresseerd. Durf ik daaruit af te leiden dat ze slechte ervaringen heeft met het huwelijk, als observator dan? Ja, ik durf. Ik heb dan ook nog niet genoeg nicotine in mijn lijf gepompt vandaag. Tablet-gewijs, dat spreekt. Of schrikt het permanente van een huwelijk haar af? @FortuneAndFame zoekt ook spanning en avontuur, en is elk huwelijk niet gedoemd tot rustige vastheid? Uiteraard. Zo hoort het ook. Ik zou er direct voor tekenen. 😀 Maar een huwelijk biedt niet meteen een nooduitgang voor wanneer de sleur intreedt, en daar heeft @FortuneAndFame (nog?) geen zin in.

Het uiterlijk doet er niet zo toe, schrijft ze in mijn brief, maar de ideale partner moet wel uitstraling hebben: haar, kleren en schoenen zijn wel belangrijk. Ze wil dus echt graag geïmponeerd worden! Ze wordt niet makkelijk van haar sokken geblazen denk ik, naar eigen schrijven heeft ze een grote mond, maar ze zoekt dat tegelijk wel denk ik, dat omver geblazen worden. Mensen zijn makkelijk onder de indruk van haar, en ze wil ook eens géén indruk maken, en zelf geïndrukt worden. De ideale man moet dan ook dominant zijn, de broek dragen, maar niet té veel. Hij moet speels zijn, maar niet jongensachtig.

Als ik alles herlees denk ik dat ik haar Ideale Man ken: Indiana Jones! Probleem opgelost. Maar dat ga ik haar niet vertellen, want ik denk dat ze geen Ideale Partner wil: dat is immers saai. Het vrijgezellenbestaan bevalt haar ook wel op dit moment, schrijft ze. Ik denk dan ook dat ze blij en vol verwachting naar het heden én naar de toekomst kan kijken, en dan ze dankbaar kan zijn voor wat ze heeft, zolang de mogelijkheid bestaat op nieuw, beter en meer.

Brief 1

Vorige week maandag is de eerste brief van @FortuneAndFame in mijn bus geland! Soit, in de bus van mijn moeder: ik had uit automatisme (wéér) mijn oud adres opgegeven. Tijdje laten inweken, en dan even de tijd niet gevonden, en dan nu: tijd gemaakt, voor mijn Eerste Analyse!

Wat viel me eerst op? De envelop was niet, ik herhaal: niet geparfumeerd. Verder is het adres in hoofdletters neergepend. Is @FortuneAndFame net als ik soms bang dat mensen haar geschrift niet zo duidelijk vinden? Want ze schrijft, net als ik, behoorlijk duidelijk hoor, dus op zich is daar geen reden toe. Hmmm… De postzegel is afkomstig uit de Kerst-reeks van 2008, dus vermoed ik dat ze zich de moeite getroost om kerstkaartjes te versturen. En ofwel gebruikt ze weinig postzegels, ofwel stuurt ze minder kaartjes dan ze zich voorneemt. Of projecteer ik nu mijn eigen gewoontes op iemand die ik eigenlijk niet ken? 😀

In alle ernst dan… Ik kreeg 2 velletjes wit papier, zonder lijntjes, voor- en achteraan gevuld. Het hoeft voor @FortuneAndFame allemaal niet zo rechtlijnig, dacht ik meteen. Ze schrijft rond en regelmatig, met haar balpen stevig op het papier gedrukt. Haar tekst en de interlinie nemen even veel plaats in, ik meen dat ze wel van enige regelmaat houdt. Stiekem, weliswaar 😀

De eerste zin na, of eerder naast “Hé Savooi!” luidt ‘Begroetingen, daar heb ‘k geen kaas van gegeten, ik vind dat meestal overbodig: ‘cut the crap’, iedereen heeft tijd te kort, de essentie willen we!’. Een rustig begin, quoi. 😀 Iets zegt me dat zich al ooit gestoord heeft aan de gestandaardiseerde ‘Hallo, oewist?’-begroeting van tegenwoordig, die verbazing oogst wanneer hij uitvoerig beantwoord wordt. Even later vertelt ze dat ze best sociaal vaardig is, en daar kan ik inkomen. Ik denk dat ze van gezelschap houdt, en niet vloekt als de deurbel of de telefoon de avondrust verscheuren.

In mijn eerste brief vroeg ik wat zij op dit moment studeert, en wat ze daar later mee wil gaan doen. @FortuneAndFame studeert nu marketing, en volgt een kappersopleiding in avondonderwijs, en heeft al een diploma communicatiemanagement op zak. Lijkt me een goeie keuze: ze noemt zichzelf praatvaardig, maar ook met de pen trekt ze zich érg aardig uit de slag. Vlot en zonder fouten, net zoals ik mijn brieven graag heb (alleen jammer van dat niet-geparfumeerde papier 😉 ). Na de middelbare school overwoog ze nog even Filosofie te gaan studeren. “Socrates, de beste redenaar, is mijn held”. Dat treft, communicatie was het uitgelezen werktuig van diens wijsgerige methode. Wat me opviel, was de reden waarom ze niet voor een universitaire opleiding koos: ‘…omdat ik niet de beste student ben, en ik kies liever voor het gemak.’. Daar is niks mis mee, maar dat laatste strookt niet met het beeld dat ik van haar heb tot nu toe! Iemand die voor het gemak kiest, zet naar mijn bescheiden mening geen video-project op poten om toegelaten te worden tot een zomerkamp voor jonge-communicatie-honden, laat staan dat die persoon een hele website zou lanceren om zichzelf aan te prijzen als gratis stagiaire. 😀 Maar, net als Goedele Liekens bijvoorbeeld, kan ik mis zijn.

Tijdens haar studies communicatiemanagement stoorde ze zich aan niet-gemotiveerde medestudenten. @FortuneAndFame is iemand die graag werkt, en dat ook graag goed doet. Ze zegt het zelf elders ook al: ze smijt zich voor 200%. Tijdens 2 stages bij reclamebureaus vond ze dat ze het grotere plaatje miste zoals ze zelf zegt: ze wou meer weten, en studeerde dus verder. Een waarom-vragerke, dames en heren! De filosoof Pascal zei bij leven en welzijn dat nieuwsgierigheid slechts ijdelheid is. Als ik een 17e eeuwse wiskundige zou geloven, zou ik dus kunnen vermoeden dat enige ijdelheid onze @FortuneAndFame niet vreemd is. Doch zo ben ik niet.

Het antwoord op mijn vraag wat ze later wil gaan doen, is even kort als eenvoudig: ‘I DUNNO :-)’. Terwijl ze verder best goed weet wat ze wil volgens mij. Ze schrijft dat ze er niet te veel over wil nadenken nu, en eerst de vruchten van het studentenleven wil plukken. En geef ze eens ongelijk! Ondernemersbloed heeft ze naar eigen zeggen alvast wel, en een droom ook: ‘Mijn grote markertingvoorbeeld is IKEA. Dat succes wil/kan/zal ik wel evenaren ;-)’. Vastberaden en zelfverzekerd, die pennevriendin van mij. 🙂

Leuke brieven

Die dag, halfweg januari 2010, huppelde ik zoals gewoonlijk  dartel door Twitterland, en plots kreeg ik me daar toch een DM (google zelf even, n00b 😉 ) van @FortuneAndFame zeker! Ze had hier gelezen dat ik in vervlogen tijden brieven uitwisselde met pennevrienden, en ze vroeg zich blijkbaar af of ik geen zin had om dat terug op te pikken. Nu vind ik dingen terug oppikken bijna even leuk als brieven schrijven, dus ja, daar had ik wel zin in!

Maar er was méér. Het viel zelfs niet te vatten in 140 tekens, dus werden er mailadressen uitgewisseld en gingen er wat mails over en weer. En een meesterlijk plan ontvouwde zich, een sociaal experiment werd op poten gezet!

Het idee is even eenvoudig als leuk: @FortuneAndFame en ik gaan elkaar brieven schrijven, en in elke brief  vragen we 1 ding dat we willen weten over de ander. Aan de hand van de antwoorden proberen we malkander te vatten, ja: te analyseren zelfs. En dat smijten we online. De brieven zijn enkel voor onze ogen bestemd, maar jullie kunnen meevolgen hoe wij elkaar leren kennen. Mijn bedenkingen verschijnen hier, die van @FortuneAndFame vind je op http://leukebrieven.wordpress.com.

Er is één regel: elke vraag mag maar één keer gesteld worden! Als zij (voor zover je online ooit zeker kan zijn, meen ik al te weten dat hij een ‘zij’ is 😀 ) mij vraagt welke schoenmaat ik heb, mag ik haar die vraag nooit meer stellen. We zullen onze vragen dus goed moeten kiezen.

En als u me nu wilt excuseren: ik heb een brief te schrijven. Jeuj!

Stoksken, deel II

Voornemens en Savooi gaan samen als ajuin en Savooi: veel geblaas, maar weinig concreets… Hoewel ik van plan was om ‘snel’ de vijf resterende Dingen te presenteren, zijn we meer dan een maand verder merkte ik net. Het was een drukke maand zullen we zeggen 😀

Voor de lol, en omdat ik niet aan 10 geraak, zal ik 1 Ding vertellen dat niet waar is. Muha, de spanning is ondraaglijk! Gok gerust welk er volgens u niet klopt. Zus: zwijgen, gun de rest van de mensheid ook een kans 😉

6. Mijn tempel van een lichaam wordt versierd door 1 kroeshaar. Er is uiteraard nét voldoende andere beharing voorzien, maar ik heb één echte kroeshaar. Op mijn borstkas. Zijn gezellen hangen er vrij stijl bij, maar hij is echt helemaal opgekruld. Solo-afro zeg maar. Voor alle dames die nu de victorie al ruiken en denken ‘Jama jama, dat heb ik toen toch niet gezien hoor!’: dat kan. Het ding groeit tot ie 5 keer rondgedraaid is, en dan valt het uit. Om enkele weken later terug op te duiken.

7. Ik ben bang van Brussel… Zodra ik uit de trein stap, voel ik me er ongemakkelijk. Moest mijn droomjob zich in de hoofdstad gaan afspelen, zelfs al is ze vetbetaald: ik laat ze schieten. Het feit dat ik ooit eens voor een stageplaats op gesprek mocht bij het te vroeg opgedoekte doch schitterende blad Teek, en toen verloren ben gelopen in Anderlecht, bij valavond, zal er vast voor iets tussenzitten. Want ik ben geen held.

8. Er zat vroeger een artiest slash mediafiguur in mij. Een doorgedreven kuur van hardnekkig zuipen en jarenlang VTM kijken hebben die gelukkig de nek omgewrongen. Als jonge snaak hielp ik mijn klas al naar de overwinning in de jeugdeditie van Cijfers & Letters. Toen ik iets ouder was, is een stukje poëzie van mij gepubliceerd nadat ik in één of andere wedstrijd goed gescoord had. En nog een beetje later heb ik een prijs gekregen van de stad Lier, voor mijn verdiensten op het toneelpodium. Helaas ben ik die prijs vergeten af te gaan halen.

9. De kleine teen aan mijn linkervoet heeft geen nagel. Geen kleintje, geen verharding zelfs… Het topje is wel vrijwel gevoelloos (ooit getest met een punaise 😀 ). Het valt gelukkig nauwelijks op, omdat mijn kleine tenen langs weerskanten wat naar buiten gedraaid zijn. En dom genoeg schaam ik me er voor. Een milde imperfectie, die me mateloos stoort. Ik geneer me niet om des zomers met sandalen rond te lopen (yep: lefgozer, dat wel), maar ik zorg er altijd voor dat ik een model koop waarin m’n kleine tenen niet te zien zijn.

10. Vroeger had ik een heleboel pennevrienden en -vriendinnen. Ik weet niet wat ik het leukst vond: brieven schrijven, of krijgen. Volgens mij heb ik al die brieven stuk voor stuk ook bewaard. Misschien dat ik daarom Twitter zo leuk vind, het zou nog leuker zijn moest dat ook met handgeschreven kattebelletjes werken.

Zo. Dat was wel leuk eigenlijk. En nu ga ik me eens afvragen of dit geen mooie laatste blogpost zou zijn.

Stoksken, deel I,V

Aanvulsel dat u allicht ook al niet ontgaan was: ik gebruik de laatste tijd irritant veel smileys, emoticons en hashtags. Verraadt waarschijnlijk een diepe angst om verkeerd begrepen te worden. Bij uitbreiding een absolute kuthekel aan conflict in eender welke vorm misschien zelfs… Zou het dan toch waar zijn dat de meeste Maatschappelijk Werkers hun studie beginnen in de hoop zichzelf te leren helpen. Zijn dit dan Ding 9 en 10 al? 😀 Shit doe ik het weer! 😛

Stoksken, deel I

Het ergste aan stokjes, awards en syfilis is dat een mens zelf moet ontdekken dat hij of zij ze gekregen heeft. Ontdek je dat niet, dan let je dus niet goed op, en foei daarvoor! En ik kan zo moeilijk weigeren van er iets mee aan te vangen. Het leukste gedeelte is dan weer het doorgeven, wat een soort wraak en dus voldoening inhoudt. 😀 Ik kreeg het 10-Dingen-Stokje van Katrien, en ik vind het ook wel een goeie aanleiding om het bloggen terug op te nemen. Anderzijds was een stokje van haar eigenlijk ook de aanleiding om te beginnen bloggen, dus als ik er nu mee zou stoppen, zou de cirkel mooi rond zijn. 🙂

  1. Ik ben een Open Boek voor wie mij in ’t echt kent. Het wordt een uitdaging om Katrien dus iets te vertellen dat ze nog niet weet. Gaat ook niet lukken denk ik. 🙂 Maar alleen bij mensen bij wie ik me op mijn gemak voel, durf ik alle maskers echt laten vallen. De meeste toch. En eens het zover is, ben ik best snel samen te vatten. Letterlijk: ik heb voor mijn 30e verjaardag van 2 dierbare vriendinnen een boek gekregen met 30 tips om Savooi te worden. En ze waren er allemaal boenk op. Ik denk graag dat er meer voor nodig is om me te klonen, maar zeker ben ik er niet van.
  2. Pas op mijn 11 jaar heeft iemand me verteld dat een mens ook kan niezen met de mond open. Tot dat moment niesde ik dus met gesloten mond. Gelukkig had mijn grootmoeder me geleerd altijd een handje voor de mond en vooral neus te houden. Resultaat: steevast handje vol oester, en een heel gedoe om dat weer proper te krijgen. Ik weet nog exact wie me dat wanneer en waar verteld heeft: het was een oudere jongen van de fanfare waar ik toen bugel leerde spelen (is dit Ding Drie al?), en hoewel hij me eigenlijk uitlachte, ben ik hem nog steeds dankbaar voor die wijsheid.
  3. Ik was nog ouder toen ik echt leerde fietsen, ik moet al in de middelbare school gezeten hebben. In de eerste helft van de lagere school trapte ik wel een eind weg op zo’n klein kinderfietsje, maar dan stond er ineens een Grote Fiets voor mijn neus, ter gelegenheid van het één of ander. Vééls te groot, en vooral: met buis… Ik herinner me nog heel vaag dat ik eens van het zadel geschoten ben, waarbij mijn nauwelijks ingedaalde testikels kennismaakten met het rood gelakte staal mijner tweewieler. Tot de dag van vandaag hangt één mijner kroonjuwelen iets lager dan de andere. En ik wijt dat aan dat ongeluk. Het heeft nog jaren geduurd voor ik echt wilde leren fietsen. M’n achterstand heb ik ondertussen weggewerkt: ik fiets dagelijks naar het werk (16 km enkele reis), ben vaak nog de enige die bezweet op feestjes aankomt etcetera. Het feit dat ik auto noch rijbewijs heb (wegens epilepticus zijnde, Ding 5 dus eigenlijk) speelt daar een rol in, maar ik verkies toch de fiets boven het onvoorspelbare en overbevolkte openbaar vervoer.
  4. Veel langer dan de andere jongetjes in mijn klas, ben ik misdienaar geweest. Mijn gezicht klaarde op als meneer pastoor me kwam vragen om mee een huwelijksmis te dienen in het weekend. Ik was als jongeling nogal gelovig, en ik snap nog steeds niet waarom ik dat zo lang ben blijven doen: ik vond een mis immers veel mooier vanuit de kerk dan vanop mijn stoeltje achter het altaar. Misschien omdat ik slecht nee kan zeggen… (jawel, Ding 7!) Of misschien wou ik zelf wel priester worden? Lichte huivering hier nu, brrr… Toen mijn Roeping maar niet wou komen, heb ik beslist dat met de handen onder het laken slapen toch veel leuker was. Nu slinger ik soms heen en weer tussen pantheïsme en paganisme enerzijds, en volslagen atheïsme anderzijds. Op sommige dagen volstaat ’42’ nu eenmaal niet als antwoord.
  5. Ik kan heel goed haten. Iedereen heeft naar mijn oprechte mening recht op een lijstje van 3 namen, die hij ooit, als niemand het ziet, in een ravijn moet mogen duwen. Mijn lijstje ligt al een goeie 6 jaar vast. En ik wil dat eigenlijk niet, haten is je reinste tijdverspilling. Maar het houdt wel een aantal demonen gefocust.

Met deze eerste vijf Dingen en goed 700 woorden zult u het voorlopig moeten stellen, dat geeft u én mij een reden om hier snel nog eens terug te komen. 😛

Tatomium

Hoor ik vanochtend op het nieuws dat het Atomium steeds meer op een ex van mij begint te lijken:

  • de glans is er stilaan af
  • iedereen kent wel iemand die er ooit op is geweest
  • de meeste mensen vonden daar blijkbaar ook meer aan dan ik zelf
  • en na het opkalefateren hangt 1 van de bollen scheef 😀

Het is niet voor niets Flauwe Donderdag hier ten kantore!